- 1
Astrid Nijgh - Ballade van ondankbaarheid
- 2
Astrid Nijgh - Ik doe wat ik doe
- 3
Astrid Nijgh - 's Nachts gaat de telefoon
- 4
Astrid Nijgh - Alle nachten volle maan
- 5
Astrid Nijgh - Alleen
- 6
Astrid Nijgh - Alleen is maar alleen
- 7
Astrid Nijgh - Daar vergaat de wereld niet van
- 8
Astrid Nijgh - De Batavia
- 9
Astrid Nijgh - De Batavia (Wilhelmusdans)
- 10
Astrid Nijgh - De Beerenburg
- 11
Astrid Nijgh - De Gulden Hoorn
- 12
Astrid Nijgh - De nacht
- 13
Astrid Nijgh - De razende bol
- 14
Astrid Nijgh - De scholen haring
- 15
Astrid Nijgh - De vrouw als hond
- 16
Astrid Nijgh - De wind leert mij 'n liefdeslied
- 17
Astrid Nijgh - Dit Is Mijn Leven
- 18
Astrid Nijgh - Droom van Eden
- 19
Astrid Nijgh - Geboeid en gevangen
- 20
Astrid Nijgh - Geef ons vrede
- 21
Astrid Nijgh - Het fransche gaatje
- 22
Astrid Nijgh - Het maatje van de schipper
- 23
Astrid Nijgh - Het Paaslied
- 24
Astrid Nijgh - Iedere vrouw wordt pas mooi door de liefde
- 25
Astrid Nijgh - Ik ben van top tot teen de liefde toegedaan
- 26
Astrid Nijgh - Ik weet dat er eenmaal 'n wonder gebeurt
- 27
Astrid Nijgh - Ik Wil Niemand Anders
- 28
Astrid Nijgh - In het teken van de ram
- 29
Astrid Nijgh - Jan Bot (Het Hoorns Hop)
- 30
Astrid Nijgh - Jan Cupido
- 31
Astrid Nijgh - Kadootje
- 32
Astrid Nijgh - Kleine Ruiter
- 33
Astrid Nijgh - Lach maar, want huilen hoeft niet
- 34
Astrid Nijgh - Leidseplein
- 35
Astrid Nijgh - Liefde is geen simpel spel
- 36
Astrid Nijgh - Maria
- 37
Astrid Nijgh - Markerwaardballade
- 38
Astrid Nijgh - Mensen zijn je beste vrienden
- 39
Astrid Nijgh - Mijn man is naar het buitenland
- 40
Astrid Nijgh - Misstap
- 41
Astrid Nijgh - Opening (In het teken van de ram)
- 42
Astrid Nijgh - Rij maar, kleine ruiter
- 43
Astrid Nijgh - Samen uit elkaar
- 44
Astrid Nijgh - Soms in het donker
- 45
Astrid Nijgh - Tegen beter weten in
- 46
Astrid Nijgh - Urk
- 47
Astrid Nijgh - Vaarwel mijn zoete lief
- 48
Astrid Nijgh - Valentijn
- 49
Astrid Nijgh - Veronica weg
- 50
Astrid Nijgh - Voor je me morgen achterlaat
- 51
Astrid Nijgh - Vrienden van het eerste uur
- 52
Astrid Nijgh - Weer naast jou
- 53
Astrid Nijgh - Welterusten goeienacht (Drommedaris)
- 54
Astrid Nijgh - Welterusten Goejenacht / Drommedaris
- 55
Astrid Nijgh - Wunderbar
- 56
Astrid Nijgh - Yes Sir
- 57
Astrid Nijgh - Zeventien
- 58
Astrid Nijgh - Zonde
De Gulden Hoorn
Astrid Nijgh
Genaamd 'De Gulden Hoorn', dat voer zo ver van hier
Maar een Duinkerker kaper kreeg haar in 't vizier
Daar bij de lage landen, daar bij het Noordzeestrand
Het was het jongste maatje dat tot den schipper zei
"Wat zult gij aan mij schenken, wat schenkt gij er mij
Wanneer ik wil gaan zwemmen den Duinkerker langszij
Daar bij de lage landen, daar bij het Noordzeestrand"
"Ik heb drie kisten zilver en goud in mijn kajuit
En ook mijn jongste dochterken, die krijgt gij er tot bruid
Wanneer gij wilt gaan zwemmen en redden onze schuit
Daar bij de lage landen, daar bij het Noordzeestrand"
't Jongmaatje toog zijn kleren uit, sprong dalijk toen in zee
Een scherpgeslepen avegaar, die nam hij met zich mee
Om de Duinkerker kaper te doen zinken in de zee
Daar bij de lage landen, daar bij het Noordzeestrand
De kapers dronken brandewijn, ze dronken op de buit
Ze wierpen er een teerling en geen van hen keek uit
En vierentwintig gaten boorde 't maatje in hun schuit
Daar bij de lage landen, daar bij het Noordzeestrand
't Jongmaatje was zo moe en de eb die zoog hem mee
Al naar 'De Gulden Hoorn' zwom hij door de hoge zee
En de Duinkerker kaper, die lag er al benee
Daar bij de lage landen, daar bij het Noordzeestrand
De schipper hield zich liever niet aan zijn dure woord
Hij liet hem in de golven en nam hem niet aan boord
Hij deed als had hij nimmer iets gezegd of iets gehoord
Daar bij de lage landen, daar bij het Noordzeestrand
"O schipper, ik zal doen als ik bij de kaper dee
Een scherpgeslepen avegaar, die nam ik met mij mee
Dan zinkt 'De Gulden Hoorn' al in de diepe zee
Daar bij de lage landen, daar bij het Noordzeestrand"
Toen kwam er onze Konstabel, een oude varensgast
Die greep de boze schipper al bij zijn schouders vast
"Wij zullen u doen hangen al aan de grote mast
Daar bij de lage landen, daar bij het Noordzeestrand"
Ze haalden toen het maatje terstond het water uit
Hij kreeg goud en zilver en werd schipper van de schuit
En ook de jongste dochter, die kreeg hij tot zijn bruid
Daar bij de lage landen, daar voor het Noordzeestran